Gilbert volgt met zijn Daily Devotionals ook het bijbelleesplan, dus als je wilt kan je je ook direct opgeven voor deze gratis overdenkingen die je dan per e-mail zal ontvangen. 

Week 42 – 16 t/m 22 oktober

Maandag 16 oktober – Efeze 1:15-16

Vers 15:

  • Wat weten de mensen in jouw omgeving over je geloof in Jezus?
  • Hoe zou jij meer van Jezus kunnen getuigen naar de mensen om je heen?
  • Is het in jouw omgeving bekend dat je liefde hebt voor je medechristenen?
  • Op welke manier kun je de liefde voor medechristenen laten groeien? Hoe betrek je God hierbij?
  • Wat kun je deze week doen om je geloof en je liefde voor medechristenen tot uiting te brengen?
  • Neem de tijd om God te vragen of Hij iemand op je hart wil geven die je deze week mag zegenen met de liefde van God.

Vers 16:

  • Waar ben jij God op dit moment dankbaar voor?
  • Wat zijn voor jou de belangrijkste dingen waar je God dankbaar voor bent?
  • Wat zijn voor jou de minst belangrijke dingen waar je God dankbaar voor bent?
  • Heb je de tijd genomen om God hiervoor te danken? Zo niet, doe dit alsnog?
  • Hoe kun jij meer tijd in je leven vrij maken om God te danken?
  • Wie noem jij in je gebeden?
  • Neem de tijd om God te danken en te vragen of hij mensen op je hart wil leggen om voor te bidden. Schrijf de naam/namen van de persoon/personen op zodat je eraan herinnerd kan worden om te blijven bidden voor deze hen.

Dinsdag 17 oktober – Efeze 1:17-18

Vers 17:

  • Op welke manier heb je God leren kennen?
  • Wat was beeld van God toen je net tot geloof kwam? Hoe is je beeld van God nu?
  • Is je beeld van God veranderd in je reis met Hem? Hoe komt dit denk je?
  • Welke dingen zijn aan jou geopenbaard waardoor je God beter leerde kennen?
  • Wat deed dit in je relatie met Hem?
  • Als je dit nog niet doet; neem voor het Bijbellezen de tijd om God te vragen of Hij je wil helpen om te begrijpen/openbaren wat je leest zodat je Hem beter mag leren kennen.

Vers 18:

  • Hoe stel jij je hart open voor God/ Hoe geef je God de ruimte om tot je hart te spreken?
  • Wat is jouw hoop, verwachting als jij je hart openstelt voor God?
  • Op welke beloften van God hoop jij?
  • Wat betekenen de beloften van God voor het eeuwige leven voor jou?

Woensdag 18 oktober – Efeze 1:19-20

Vers 19:

  • Op welke manier spreekt de Bijbel tot jou over de krachtige werking van Gods macht?
  • Op welke manier herken je die krachtige werking in je eigen leven en/of omgeving?
  • Wat overweldigt jou als je nadenkt of wordt stilgezet bij de krachtige werking van Gods macht? Waarom overweldigt dat je? > Spreek dit uit naar God.
  • Hoe zou jij meer ruimte kunnen maken in je leven voor de krachtige werking van Gods macht?

Vers 20:

Jezus kwam na een tijd van intens lijden weer thuis, terug in de Hemel.

  • Neem de tijd om stil te staan bij de reis die Jezus koos om af te leggen voor ons?
  • Hoe zou jij die reis omschrijven?
  • Welke gedachten en gevoelens roept dit bij je op?
  • Beschrijf wat vers 20 voor jou persoonlijk betekent.
  • Neem de tijd om met God te praten over de antwoorden die je net hebt gegeven.

Donderdag 19 oktober – Efeze 1:21-22

Vers 21:

  • Op welke manier sta jij stil bij de verhoging van Jezus zoals beschreven staat in vers 21?
  • Op welke manier maak jij Jezus groot in jouw leven?
  • Als je bedenkt dat jij bij Jezus hoort, wat zegt deze tekst dan over jou en je leven?
  • Wat zegt dit over de machten en krachten die heersen in de wereld en misschien wel in jouw leven?
  • Neem de tijd om te belijden als er machten of krachten in jouw leven heersen. Maak Jezus groot, spreek het hardop uit, hiermee maak je ook een statement in de geestelijke wereld.

Vers 22:

  • Als er dingen in je leven zijn die je nog niet aan Jezus’ voeten hebt gelegd, neem dan de tijd om dit te doen.
  • Belijd de dingen in je leven waar Jezus niet aan het hoofd stond/staat en nodig hem uit om het hoofd te zijn over je leven.

Dank God en vier met Hem de overwinning.

Vrijdag 20 oktober – Efeze 1:23

Vers 23

  • Op welke manier sta jij erbij stil dat je onderdeel bent van het lichaam van Jezus?
  • Hoe zou je in je eigen gemeente bewuster kunnen omgaan met het feit dat iedereen onderdeel is van het lichaam van Jezus?
  • Hoe zou je dat voor andere gemeenten kunnen doen als je bedenkt dat de gemeente wereldwijd onderdeel is van het lichaam van Jezus?
  • Op welke manier komt Jezus tot uiting in je eigen gemeente?
  • Wat zou je zelf kunnen doen om Jezus meer de ruimte te geven zodat Hij ten volle tot uiting kan komen in de gemeente?

Zaterdag 21 oktober – Efeze 2:1-3

Zondag 22 oktober – Efeze 2:4-5

 


Week 41 – 9 t/m 15 oktober

Maandag 9 oktober – Efeze 1:1-2

Vers 1:

  • Op welke manier ervaar jij de eenheid van Christus met andere christenen?
  • Zijn er ook momenten dat je die eenheid niet ervaart? Hoe komt dat denk je?
  • Waarom is eenheid in Christus belangrijk denk je?
  • Op welke manier ben jij verantwoordelijk voor eenheid? Neem jij die verantwoordelijkheid? Waarom wel/niet?

Vers 2:

  • Waarom denk je dat Paulus de brief begint met deze woorden?
  • Wat betekenen deze woorden voor jou als ze naar jou (zouden) worden uitgesproken (misschien op de zondagochtend in de gemeente)?
  • Het zijn misschien niet de woorden die je standaard gebruikt als intro van een mail of een gesprek, maar woorden hebben kracht. Op welke manier kun jij mensen zegenen met je woorden?
  • Neem deze week de tijd om stil te staan bij je woorden en spreek bewust woorden uit die zegenen. Vraag God of Hij je hierin wil leiden.

Dinsdag 10 oktober – Efeze 1:3-4

Vers 3:

  • Op welke manier ervaar jij Gods zegen in je leven?
  • Welke geestelijke zegeningen heb jij van God ontvangen?
  • Wat betekenen die zegeningen voor je?
  • Wat doe je met deze zegeningen in je dagelijks leven?
  • Op welke manier geef jij God de eer voor de zegeningen die je van Hem hebt gekregen?
  • Neem de tijd om God groot te maken en te danken voor de zegeningen die Hij geeft.

 

Vers 4:

  • Wat betekent het voor jou dat je vol liefde bent uitgekozen door God?
  • Wat betekent het voor jou dat je voor God heilig bent?
  • Wat betekent het voor jou dat je voor God zuiver bent?
  • Wat betekent het voor jou dat God dit allemaal voor jou heeft bedacht voordat Hij de wereld schiep?
  • Kun je de bovenstaande dingen ten volle ontvangen als prachtige geschenken van God? (waarom wel/niet?)
  • Wat betekenen bovenstaande dingen voor jouw identiteit in Jezus?
  • Op welke manier kun je hier (meer) vanuit leven dit (meer) uitdragen naar de mensen om je heen?

Woensdag 11 oktober – Efeze 1:5-6

Vers 5:

  • Wat betekent het voor jou persoonlijk dat het Gods wil en verlangen is dat jij een kind van Hem bent?
  • Hoe kunnen mensen aan jou zien dat jij een kind van God bent?
  • Wat zijn jouw verlangens voor mensen om je heen die God nog niet kennen? Spreek dit verlangen uit naar God.
  • Plan in je agenda in om voor deze mensen te blijven bidden.
  • Heb jij de wil en het verlangen naar een diepere relatie met God? Wat zijn precies jouw verlangens in je relatie met God? Spreek ze naar Hem uit.

 

Vers 6:

  • Hoe ervaar jij de grootheid van Gods genade in je leven?
  • Kunnen mensen aan jou (of jouw leven) zien dat jij die genade hebt ontvangen?
  • Leef je in die genade? Waarom wel/niet?
  • Op welke manier kun jij je leven (beter) inrichten zodat je God in woord en daad (meer) de eer kunt geven dat jij Zijn kind bent?

Donderdag 12 oktober – Efeze 1:7-8

Vers 7:

  • Op welke manier sta jij stil bij het offer dat Jezus voor jou heeft gebracht zodat jij ook een kind van God de Vader mag zijn?
  • Wat betekent het voor jou dat je zonden vergeven zijn?
  • Wat betekent het voor jou dat je verlost bent, dat je niet langer slaaf bent?
  • Kun je met je verstand en hart zeggen: “Ik ben geen slaaf meer, ik ben een kind van God”? (*) Waarom wel/niet?

(*Geïnspireerd door het lied: No longer slaves, Bethel Music.)

  • Neem de tijd om met God te praten over je dankbaarheid, je vragen en je verlangens rond verlossing, vergeving van zonden, en genade.

Vers 8:

Overvloed betekent meer dan nodig. God geeft genade in overvloed.

  • Wat betekent die overvloed voor jou persoonlijk?
  • Wat betekent het voor jou dat God deze overvloed aan jou geeft/schenkt?
  • Wat zegt dit over Gods liefde voor jou?
  • Kun je dit ontvangen? Waarom wel/niet?
  • Hoe kun je de genade en liefde van God (meer) uitdragen naar mensen om je heen?

Vrijdag 13 oktober – Efeze 1:8-10

Vers (8) 9,10:

  • God zelf onthult ons een mysterie! Wat betekent het voor jou dat God, jouw schepper, een mysterie aan je wil onthullen?
  • Op welke manier vertrouw jij op Gods wijsheid en inzicht in jouw leven?
  • Wat betekent het voor jou dat God een plan heeft uitgestippeld tot de voltooiing van de tijd?
  • Wat betekent het voor jou dat Jezus aan het hoofd wordt gesteld van alles in de hemel en op de aarde?
  • Wat zeggen bovenstaande twee vragen over jouw leven?
  • Als je ook onder de indruk bent van de inhoud van deze tekst: deel dit met God. Leg ook je vragen en verlangens bij Hem neer. Hij heeft ook een plan met jouw leven!

Zaterdag 14 oktober – Efeze 1:11-12

Vers 11:

  • Heb je ook weleens van die momenten dat je even niet weet welke keus je moet maken of dat je even niet begrijpt waarom het leven zo loopt zoals het loopt? Als je die momenten zet in het licht van deze tekst, verandert er dan iets in de manier waarop je kijkt naar die momenten? Waarom wel/niet?
  • Op welke manier sta je stil bij je bestemming?
  • Hoe kun jij met anderen delen vanuit je bestemming?

Je bestemming is door en in Jezus en dit is de wil en het besluit van God.

  • Wat betekent dit voor jou en je relatie met God?

 

Vers 12:

  • Op welke dingen of mensen vestig jij soms je hoop?
  • Wat doet het met je relatie met God als je je hoop op iemand of iets anders stelt dan op Hem?
  • Waarom is het zo belangrijk dat we onze hoop op Jezus vestigen?
  • Welke hoop/verlangens kun je bij God neer leggen? Op welke manier geef je God daarmee de eer?
  • Breng je hoop en verlangens bij God neer en beleid als je je hoop op andere mensen/dingen hebt gevestigd.

Zondag 15 oktober – Efeze 1:13-14

Vers 13:

  • Wat in de boodschap van de waarheid raakt jou op dit moment het meeste?
  • Hoe is het evangelie van je redding in jouw hart beland?
  • Wat is jouw persoonlijke getuigenis hierin?
  • Op welke manier kun je anderen bemoedigen met jouw getuigenis?
  • Op welke manier ervaar jij in je leven dat je gemerkt bent met het stempel van de Heilige Geest?
  • Kunnen mensen in jouw omgeving zien dat je bent gemerkt door het stempel van de Heilige Geest? Waarin wel/niet?

 

Vers 14:

  • Op welke manier ervaar je de Heilige Geest in je leven?
  • Op welke manier zie je het werk van de Heilige Geest om je heen; in mensen, situaties?
  • Wat betekent het voor jou dat je de Heilige Geest als voorschot op je erfenis hebt gekregen?

De Heilige Geest is als voorschot op onze erfenis gegeven met als doel dat we verlost zullen zijn en dit ter ere van God.

  • Op welke manier heeft de Heilige Geest gewerkt om jou te wijzen en je te herinneren aan je verlossing?
  • Op welke manier gaf dit eer aan Gods grootheid? Hoe kun jij God de eer geven en groot maken voor het werk van verlossing?

 

Bekijk hier het bijbelleesplan van de voorgaande weken.